Casus loopbaanonderzoek

Lotte werkt bij het aanmeldbureau van een hulpverleningsorganisatie. Ze is na afronding van haar opleiding SPH vijf jaar geleden bij deze organisatie gaan werken. Ze heeft eerst 2 ½ jaar in de crisisopvang gewerkt. Het groepsgebeuren sprak haar minder aan; ze vond het werken met groepen minder leuk; de sfeer ervoer ze vaak als bedreigend. Het werken bij het aanmeldbureau sprak haar meer aan; dit had met name te maken met het feit dat ze hier meer korte, individuele contacten met cliënten heeft.

Achtergrondsituatie en vraagstelling

De laatste maanden merkt Lotte dat ze minder gemotiveerd is voor haar werk. Dit uit zich in het feit dat ze minder zin heeft in haar werk en geneigd is om bepaalde taken uit te stellen. Het begeleiden van cliënten ervaart ze als pittig; enerzijds omdat het een directe manier van reageren vereist, anderzijds omdat ze voor haar gevoel vaak te weinig weet van ziektebeelden waar sprake van kan zijn. Lotte is de laatste tijd meer gaan nadenken over de vraag wat ze eigenlijk precies wil. Er zijn verschillende ideeën waar ze wel eens over nadenkt. Ze wil echter wel zeker weten dat ze nu een keuze maakt, die aansluit bij haar kwaliteiten, intellectuele mogelijkheden, en interesses. Ze heeft behoefte aan externe bevestiging, waardoor ze zich beter in staat voelt om te kunnen bepalen welke functies en eventuele opleidingen bij haar passen.

Aanpak

Na een oriënterend gesprek heeft Adviesbureau Koers Lotte een volledig loopbaanonderzoek geadviseerd. Dit omdat Lotte bevestiging van buitenaf zocht, omdat ze zich onzeker voelde over haar capaciteiten en haar persoonlijke kwaliteiten. Ook over haar interesses was ze steeds meer gaan twijfelen, en ze wist niet meer waarin ze het uitgangspunt moest zoeken.

Door middel van een onderzoek heeft Lotte bevestiging van buitenaf gekregen over haar vragen en onzekerheden, en is ze met enthousiasme en nieuw elan aan een vervolgstudie begonnen.